Geduld

Het evangelie van dit weekend gaat over de Heer die zijn geduld verliest met een onvruchtbare vijgenboom. Die boom staat daar al 3 jaar, hij put de grond uit, vraagt verzorging en levert niks op. Waarom hem nog houden? Is het niet beter om hem om te hakken, en een vruchtbare boom in de plaats te zetten? Jezus, de tuinman, vraagt geduld aan de Heer. Hij zal hem nog een jaar extra verzorgen, misschien levert hij dan vruchten op. Zo niet, dan kan de Heer hem nog omhakken. Tot daar het verhaal. En we blijven met de vraag: hoe loopt dit af? De afloop van het verhaal wordt ons eigen evangelie. Wat doen we met een tweede kans? Of als jij een tweede kans kan geven, wat doe je daarmee? Of ben je zoals de Heer, het is genoeg geweest, maar je laat je toch bewegen tot meer geduld? Het evangelie is nooit zomaar een verhaal met een moraal, het raakt de kern van ons bestaan. We kunnen daar niet aan voorbij. Vroeg of laat worden we met onszelf in deze kwesties geconfronteerd. Zondag worden we opgeroepen onszelf onder de loep te nemen.

 

Moeder

Net als de schuimende golven van de zee
draag ik jou in gedachten mee.
Breek ik de vloedlijn
van ons laatste samenzijn.
Stilte wordt weer hoorbaar.
Rond jouw dode lichaam
geuren de bloemen nog naar leven,
maar jij bent eeuwigheid geworden.

Jozef V.

Verleden en toekomst

Ik hang ergens rond op de boerderij
met mijn hond. Het is koud.
Ik wil vrijheid, ik word later wel groot.
Ik ben vertrokken met een boot,
maar kan de vrijheid niet aan,
want ik heb foute dingen gedaan.
Ik probeer op het juiste pad te komen.
Ik slaap nu tussen blauwe bloemen
en voor mijn gevoel tussen roze bomen.
Mijn hond eet alleen maar gras en grond,
want ik heb geen geld voor eten.
Dus eigenlijk kan ik het leven wel vergeten.
Ik heb geleerd: Geef nooit op!
Kop omhoog en hop, hop, hop.
Mijn moeder zei: Maak tempo in het leven,
doe je best en daarna komt de rest.
Hou van je familie in vrede
en vecht terug tegen het verleden.
Dit is niet mijn levensverhaal,
maar er zijn mensen die zo leven.
Neem het leven zoals het komt.
Zet je voeten stevig op de grond en voel je vrij.

Jesse uit klas 1HA

Een huis

“De hemel is mijn troon en de aarde mijn voetbank. Wat wilt gij toch een huis voor mij bouwen, een rustplaats voor Mij zoeken? Al wat bestaat heb Ik met eigen handen gemaakt, alles is van Mij, Ik ben vol zorg voor degenen die nederig zijn, zonder pretenties, en vol ontzag voor mijn woord.”, zegt God. Mijn eerste gedachte: “Dat is waar, alles is van God”. Toen kwam een tweede gedachte: “We hebben toch kerken voor Hem gebouwd, wat is daar mis mee?” Vertrouwend op Gods Woord, moest ik een andere betekenis zoeken. Ik kwam op het spoor van goede daden. Wij willen goed zijn, zelfs huizen bouwen of schenken. En vroeg of laat komt dan het addertje van onder het gras. Als de persoon in kwestie, ons niet van dienst is, voelen we ons onterecht behandeld. Dan blijkt dat onze goede daad, een schuldbriefje was. En God zegt, ongezouten, dat we nooit eigendomsrecht hebben, op goede daden. Goede daden zullen altijd Zijn daden zijn, tot Zijn huis behoren. Hij bouwt met ons, niet wij voor Hem.

Babyborrel (deel 2)

Heel sterk bewust dat wij “in een andere wereld” leven en niet langer vanzelfsprekend betrokken willen zijn bij een plaatselijke geloofsgemeenschap (parochie) worden wij ook steeds meer gekleurd door praktisch ongeloof. In die andere wereld – nu soms erg gekleurd door onverschilligheid – worden wij niet langer bezield en gedragen door een gelovige overtuiging. Toch worden er de laatste jaren wel pogingen gedaan om onverschilligheid te doorbreken. In onze parochiale eenheden (samengevoegde parochies) groeien er pogingen om het doopsel en het vormsel anders te vieren en voor te bereiden. Naar aanleiding van de eerste communie worden er nu ook wel steeds meer kinderen samen gedoopt in het eerste leerjaar. Er zijn nog christenen die in onze nieuwe leefcontext God terug ontdekken als een ervaring, als een dynamiek van liefde. Sacramenten kunnen dan opnieuw ontdekt en beleefd worden als een heilig gebeuren en als een uitnodiging om anders te leven, meer bekommerd, meer toegewijd.

Babyborrel (deel 1)

Een babyborrel is een kinderfeestje meestal ter vervanging van het doopsel en van het doopfeest. Het is meestal ook een heel creatief en kindvriendelijk gebeuren. Op de twee sterke en gevoelige momenten van ons leven, bij geboorte en dood willen wij samen zijn en vieren. Maar in onze seculiere samenleving is er wel steeds minder openheid voor een goddelijke nabijheid en in veel gezinnen is er ook steeds minder een christelijke sfeer te proeven en te ervaren. Zo is er ook weinig bereidheid om met kinderen een christelijke weg te gaan. Uiteraard stimuleert dit huidig leefklimaat ons dan ook weinig om in een kerk het sacrament van het doopsel te vieren. Men is of wij zijn stap voor stap vervreemd geraakt van het kerkelijk gebeuren, van een christelijk, gelovig aanbod, van een christelijke overtuiging en van een sacramentele viering. In onze kerkelijke kringen en bijeenkomsten wordt dit – met pijn in het hart – als een serieus, gelovig verlies ervaren. (morgen volgt deel 2)

 

Blijmoedig vasten

Benedictijn, N. Devynck, opent de lezing met: “Wanneer gij vast, zet dan geen somber gezicht zoals de schijnheiligen … (Mt 6,16)”
Zorg dat je niet opvalt, is de les. In de vasten strijden we met hartstochten en ondeugden om te leren tot rust te komen in ons hart en ons te laten doordringen van Gods Genade. Alles wat een mens kan gevangen houden, komt in deze woestijntijd naar boven: toorn, verlorenheid, droefenis, jaloezie, hoogmoed … Ik word a.h.w. ontmaskerd en kan mijn kleine kanten niet weg drinken, weg eten, weg roken … Vasten maakt ons brozer en weerlozer. We leren ons onthechten van het aardse, ons los maken van het materiële en/of spirituele streven om meer smaak te krijgen in Gods Woord. In deze weken leren we ons meer toevertrouwen aan de Heer; Hij alleen kan onze honger stillen. In die zin gaat vasten ook samen met gebed en verzoening; de mens bekent zijn zondigheid en verlangt ernaar zich als herboren ziel naar Zijn Schepper te keren. Zo maakt waarachtig vasten de mens nederig naar lichaam en geest. Uitgelezen kans!