Zomerzoen

Als een huppelende hinde
kom ik zachtjes je wang beroeren
… een lichte zomerzoen …
die binnendringt in de poriën
van je o zo tere huid,
… Genade heet die zomerzoen
zeker nu je zo ziek en broos bent geworden.

Ze schenkt je onrustige hart en behoeftige ziel
toch zo’n blijheid en ‘Licht’heid –
dat levenslicht dat je dient los te laten
om dé Grote, Goddelijke Lichtbron
stap voor stap
zo vredig als mogelijk tegemoet te treden.

Zomerzoen, jij bent nu aan zet
jouw laatste zomertijd lang …
Nog ééntje en nog eentje …
Ook als eens deze zomerzoen
verzonken is in Eeuwigheid
zal ik de zoete smaak voor immer en immer
bewaren, diep in mijn hart
in dat frêle plekje, speciaal voor jou.