Waarheen

… Verschrikt
in al mijn ontreddering,
wanhopig naar iemand
die mij dan toch begrijpen kan en wil.
… Gestikt in al mijn teleurstelling,
die weerspiegelt de puinhoop van mijn leven.
… Gevlucht
met al mijn boosheid en verkramping
voor het oordelen en veroordelen
van een versplinterd zijn,
waar ik zeker niet om heb gevraagd.
… Gebroken en alleen
blijf ik achter in al mijn kleinheid
en zoek naar wat nog waardevol kan zijn.
… Geen armen om in thuis te komen,
om te kunnen delen wat zó weegt.
… Leegte was mijn geboorteplek,
wel een stal, maar bekwame mensen
ontbraken, daar ze hun eigen trauma’s
niet hadden kunnen verwerken.
… Uitgedoofd en verlamd
herbergt mij die Ene, – ALTIJD –
de grootste Barmhartige Samaritaan
aller – tijden … God zij geloofd!