Vluchteling

Mijn land – Bosnië – heb ik verlaten met mijn ouders mee weg van de oorlog. Ik was minderjarig. Ik had een kind. Mijn man was verdwenen. Langs Duitsland ben ik in België terecht gekomen. Ik kreeg geen erkenning. Een hulporganisatie hielp mij om een verblijfsvergunning te krijgen eerst voorlopig, daarna verlengd, uiteindelijk definitief. Wat een opluchting!
Nu de taal aanleren, een inburgeringscursus volgen. Ik droom van een toekomst voor mijn kinderen. Ik heb er nu drie. Ze zijn de vruchten van mijn vechten om mijn bestaan. Ik moest nog naar Sarajevo om papieren. De armoede daar is onvoorstelbaar. Ik heb hier nu een huis dank zij een hypothecaire lening. Dat huis moet bewoonbaar gemaakt worden. Ik verdien wat met poetsen. Ik krijg kindergeld. Af en toe krijg ik wat steun van welwillende mensen.