Tempels

Als goede Jood bezoekt Jezus de tempel. De tempel is voor hem zo belangrijk dat hij zich opwindt over de handel in kleinvee en allerlei religieuze prullaria. Hij wordt boos en gooit de tafels van de wisselaars omver. Dit pikken de hogepriesters niet. En Jezus zegt: “Breek deze tempel af en in drie dagen bouw ik hem op.” Dat betekent: deze tempel mag dan belangrijk zijn. Je kunt hem zien als Gods woning, maar de mens, Jezus, is nog veel belangrijker. Hij is veel meer een tempel van God. God woont in mensen. Je vindt hem in je diepste zelf. Het vraagt veel bezinning, geduld en een groot geloof om Hem in jezelf te ontdekken. Om Hem in ieder ander te zien. Om te luisteren en te horen wat Hij ons te vertellen heeft, door die ander. God woont in het hart van elke individuele gelovige. Van jou, van mij, van ons. Als je hem daar vermoeden kunt, kom dan naar de ‘tempel van steen’ om ook samen te zingen en te vieren voor Hem. Is het dat niet wat Jezus wil zeggen?