Vrucht(en) dragen

De Heer verbond,
de Heer scheidde … onze wegen.
Jahwe geeft en neemt, zegt Job.

Mijmerend bij deze gedachten
zie ik op het bospad vlak voor mijn voeten
twee identieke, kwetsbare vlindertjes …
een redelijke afstand van elkaar …
zoals bomen met voldoende tussenruimte
opdat eigen groei en bloei mogelijk is.

Ik ben me bewust:
ik ken zo weinig van liefde, van trouw.
Gij alleen, Heer, kent mij ten diepste toe.
Dat Uw Wil geschiede,
daar kan ik me geheel in vinden.
Voor U, Onnoembare, is niets tevergeefs.

Hoe zwaar ook dit kruis,
ik zal het niet ontvluchten
ik wil het dragen, samen met U.

Want ik voel van binnen
waar het zo’n pijn doet, het is ook Vruchtbaar.