Een stapje hoger

Ik was op een uitvaart van een oude oom. Ik had hem en die grote familie al jaren niet meer gezien. En op een gewone morgen, steekt zijn doodsbrief in mijn bus. En die dag werd een dag van verstilling. Ik stond stil met mijn jeugdherinneringen aan hem, aan zijn kinderen, aan mijn tante. Ik stond stil met het verloop van mijn en hun leven. Ik voelde de pijn van afscheid nemen; van hem, van het stuk leven waar hij aanwezig was. Op de koffietafel, zaten we met zijn kinderen aan tafel. Een nichtje zei: “nu hebben we niemand meer boven ons”. Ze bedoelde: wij zijn de volgende generatie die geroepen wordt. En, voegde ze eraan toe: “nu staan wij een stapje hoger”. ‘Een stapje hoger’ is een mooie lichtinval. Sterven wordt een bekroning i.p.v. degradatie. Die flits van eeuwigheid, komt in confrontatie met geboren worden en sterven. Het geeft pijn en verdriet, want we willen zo graag alles houden zoals het is. Even beseffen dat ons leven groter is dan onszelf, geeft hoop en moed om niet te blijven zitten met de dood, die ons allen treft.