Dans

Na jaren sacrale dans achter mij te hebben gelaten, riep de H. Geest me terug naar de gemeente van mijn jeugdjaren om er de draad van het dansen terug op te nemen. Een uiterst moeilijke tijd nodig gehad om te beslissen gezien m’n jeugd niet over rozen liep… Als kind en tiener veel te veel leed op m’n tere schouders gekregen en tóch: onze god is zó barmhartig!! Hijzelf sloot de zware deur van m’n verleden en opende al – op meer dan een kier – een nieuwe toekomst! Waarheen Hij me leiden wil, is mij nog niet duidelijk, maar “Ik vertrouw op U, Heer.” Gij weet – veel beter dan ikzelf – wat goed voor me is. En wat zei Augustinus ook al weer: “O mens, leer toch dansen. Anders weten de engelen in de hemel niet wat met jou aan te vangen.” En B. Wosien zegt het zo: “Gij die de wereld in beweging zet, breng nu ook mij in beweging. Gij haalt mij uit de diepte en heft mij naar Uw Hoogte. Ik dans een lied van de stilte op muziek van de kosmos en zet mijn voet neer op de rand van de hemel, en voel hoe Uw Glimlach mij gelukkig maakt.” Beloftevol, niet?!

Op zoek naar…

Wie gaat er mee op zoek? Als aan de oppervlakte alles koek en ei lijkt, zou je wel eens voor verrassingen komen te staan als je wat dieper gaat graven. Er roert namelijk iets in onze onderlagen. Het is de plaats waar je geraakt wordt. Soms tot in je ingewanden. Het is belangrijk goed voor deze onderlagen te zorgen. Daar zitten ook de kwetsuren, meestal uit onze kindertijd. Ze vragen om aandacht. Dit vragen kan ontsporen in geweld of depressie als de kwetsuur diep is en onverzorgd. Toen Adam en Eva in de appel gebeten hadden, wilden ze zich verbergen voor God. Vroeg of laat verliezen we allemaal onze onschuld. Maar daar stopt het niet. God weet wel weg met weggelopen schapen. Hij gaat er naar op zoek. Of Hij ontvangt ze met open armen als ze terugkomen. Jezus is er voor gestorven. Een genademoment. Zijn wonden tonen ons de weg. Een weg van barmhartigheid en vergeving. Al tijdens Zijn leven ging Hij om met zondaars en genas Hij zieken. Een zachte streling voor de kwetsbaarheid.

Steunend bidden

In het rouwcentrum krijg ik de kans om de overledene een kruisje te geven. Ik groet en leg troostwoorden in het schaaltje. Zijn leven was een weefsel van diepe wijsheid en bescheidenheid, dooraderd met mildheid en een groot menselijk inzicht. Jarenlang steunde hij op een prachtige, versierde stok en al biddend, nog meer op God. De leden van zijn salesiaanse gemeenschap omringen hem eerbiedig. De laatste priester, wie ik innige deelneming betuig, maakt plots een sober handgebaar. Woordenloos nodigt hij mij uit om naast hem te gaan zitten. Het raakt me om, onverwacht, geruisloos mee te mogen verwijlen: een kans om  langer stil te staan bij een leven dat nu elders Leven is. Ingetogen biddend elkaar steunen, werkt bevrijdend en hoopvol. De afscheidsruimte voedt zich met genade en dankbaarheid. De herinnering aan het laatste gesprek met deze overleden priester, bewaar ik, alsook dit beeld van overgave. Ondertussen speelt de gedachte dat Don Bosco vast voor een nieuwe stok gezorgd heeft.

Adem

‘Ademhalen’, zei iemand mij en spontaan reageerde ik: ‘Adem krijgen’, de ruimte krijgen om te ademen met m’n hele zijn, met alles wat in me leeft: goede zaken en uiteraard ook de minder beloftevolle die er zijn. Iemand voldoende bestaansruimte geven, blijkt normaal binnen een relatie, doch zijn er angels en pijnpunten waar eerder m’n adem stokt. Bij wie kan ik ze wel kwijt? Heel veel mensen kampen met zorgen en vragen die maar blijven woelen en waar ze geen bedding voor vinden. Ook niet iedereen kan zich de begeleiding van een therapeut/psycholoog permitteren. Nochtans werkt het woorden kunnen en mogen geven aan onze onvrede, onze angsten, ons onbegrip … genezend; we krijgen weer meer adem, kunnen terug beter doorademen. Ons fysisch en psychisch leven zijn toch zo met elkaar verbonden. Daarbij is angst voor het mogelijk meningsverschil of conflict geen blijk van liefde, hoorde ik recent op de radio. En toch zit er zo’n taboe op. Jezus toont ons nochtans de weg: ‘Komt allen tot mij die zwaar beladen zijn. Mijn juk is zacht.’

Paarse heide

Ik waan me te midden van een adembenemend en pittoresk schilderij, zonder woorden, de paarse heide is hier komen wonen. Steile houten trappen beloven me op de top, het ultieme ver uitgestrekte zicht tot ver boven de kruinen van de bomen, waar ieder voor zwicht. Een stevige balk fungeert als zitbank, waar ik maar gretig van gebruik maak. Dit ruim natuurgebied is een lust voor het oog, een pure rijkdom op zich. Er heerst een helende, serene stilte, daar ben ik voor te vinden. Mijn wandelmaatje is eveneens onder de indruk van al dit moois. Ons pad leidt ons verder naar een diepe daling waar zand en vaste grond als verankering dienen voor de trappen. Paarse heide geniet hier van het vegetatieve gezelschap van stevige eiken bomen, dennen, mos, prachtige varens enzovoorts. Een gevoel van dankbaarheid overvalt me. Achter het volgende poortje genieten we volop van een uitgestrekt bosgebied, zuivere bosgeur en dennenappels begeleiden ons op weg. Met dank aan de Mechelse heide.

Rosanna

Belofte

De belofte van God aan Abraham wordt vervuld. Op 100-jarige leeftijd, kregen hij en Sarah, een zoon: Isaak. Abraham heeft heel veel geduld met God moeten hebben, zou men zeggen, of was het God die geduld met Abraham had? Nu vroeg Sarah aan Abraham, om Hagar en haar zoon, Ismaël de woestijn in te sturen. Ismaël was Abrahams kind. Dat avontuur kon voor beiden dodelijke zijn. Maar God hoorde het schreien van het kind, en het verdriet van Hagar en zond zijn engel. Deze zei: “Schrei niet, God zal van Ismaël een groot volk maken.” Toen opende God Hagars ogen, en ze zag een waterput, zodat ze haar kind te drinken kon geven. Het verhaal eindigt met: God beschermde het kind, en het groeide op in de woestijn en werd een boogschutter. Volgens de traditie zijn de afstammelingen van Ismaël, de moslims. Jahweh wilde ook deze mensen beschermen en voorzag ze van water in de woestijn, waarheen Abraham hen gestuurd had. Hoelang moet God nog met ons geduldig zijn, vooraleer we weten dat we heel weinig weten? Misschien tot ons 100ste jaar.

Trein Parijs – Berchem

Wat je draagt
gaat langer mee dan reistijd,
woorden nog veel langer.

Koffers in allerijl ingepakt,
wat eerder was is spoorslags verdwenen.

Kleine meisjes
doen niet wat wijze vaders zeggen,
grote krijgen later spijt.

-Reizigers op spoorwissels.
Scharnierpunten existeren-

Plakken blijft make-up,
stipt aangebracht
na een blik in
naakte werkelijkheid. 

M. V.