Een nieuwe naam

Onttroond, werd ik. Naam en faam verloren. Weg, gingen de nepjuwelen. De bühne onder mijn voeten, ineens verdwenen.
Hier stond ik nu, als Job.

Alles, álles, had ik verloren, en toch…
Toen kwam Jij, mijn God. Je hebt me opgetild, me aangenomen als je kind. Je hebt me een nieuwe naam gegeven. Alles wat mooi was, te mooi, heb ik van JÓU gekregen. Je reinigt me, vervult mijn leven. Hebt een blanke schoonheid in mijn hart gedreven.

‘k Ben dankbaar, Heer.
Ontdaan van ’t zware klatergoud en loze dromen. Deemoed, zachtheid, innigheid vloeien door mijn aderen heen.
‘k Word nieuw, nieuw, immer nieuw…
“Vergeet wat oud was”, zeg Je, “Ik maak je nieuw…”

Dank voor mijn redding, Heer!
De ware vervulling van mijn leven voor eeuwig…