Genade

‘Genade vragen over de seizoenen’, wees de aalmoezenier aan in zijn homilie. Wat mooi, vind ik dit. Want ja, voor alles is er een tijd, zegt ook Prediker ons. Er is de bloeitijd, er is de groeitijd, de oogsttijd en thans de rusttijd. Bij wintertijd denkt men algauw dat er niks gebeurt, terwijl net dáár alles begint. De aarde wordt klaargemaakt voor nieuwe groei, voor het ontspruiten van betoverende bloesems in het volgend seizoen. Kunnen wij eigenlijk wel de rust en de tijd nemen om wat onaf is, wat moeilijk loopt, wat zo’n pijn doet … zijn proces te laten gaan en te laten gedijen? Zijn wij vaak niet té ongeduldig in dit ‘instant’-tijdperk, waar alles met een druk op de knop geregeld en geklasseerd dient te zijn? Onze Weldoener de genade vragen om mensen meer kansen en ruimte te bieden, kan bijzonder nuttig en levengevend zijn. Zegt St.-Paulus ook niet: ‘Alles is genade!’. Oogarts en kenner van Edith Stein weet: ‘Geloven is niet proberen te begrijpen, maar gegrepen worden, niet proberen te vatten, maar gevat, geraakt worden door Z’n Liefdevolle Genade.’