Troost ben Jij en jij

Waar vind ik iets van vertroosting als ik met m’n gekwetst en bloedend hart geen blijf weet? Soms is er die vioolmelodie, die een verborgen snaar raakt … ergens op een grond die ik thans nog niet betreden kan. Een tekst in artikel of boek kan eensklaps een donkere lucht openbreken, een gevoel van herkenning geven en uitnodigen tot verdere bevraging en verdieping. Ook een kunstwerk spreekt de taal, die o zo moeilijk over de lippen komt. Verwijlen in mijn kleinheid bij het tabernakel kan me ontroeren, een deur op een kier zetten. Maar een concreet mens, zelfs vriend of zielsgenoot vinden die me de veiligheid van ‘het is goed zoals het nu is’ schenkt, da’s geen evidentie. Mensen praten zo makkelijk alles dicht. En daar lig ik dan verpletterd onder al die goedbedoelde woorden waarin ik me niet terugvinden kan. Het meest troostende zou misschien een stille wandeling in Zijn Mooie Schepping kunnen zijn met een eenvoudige Emmaüsganger, die weet heeft van de Gróte Kracht van Stilte, waardoor misschien onderweg … iets roert tussen J(j)ou en mij …