“Anders” klaar staan

Er komen soms mensen op je weg, die altijd klaar staan voor anderen. Op iedere vraag zeggen zij “ja”. Van nature haast. Ze lijken onvermoeibaar. Voor Jezus volstaat deze edelmoedigheid echter niet. Zij is nog te zelfbewust. Zij heeft nog nooit de kans gehad, te falen, echt te mislukken. In het evangelie gaat het om een zoon, die op een vraag van zijn vader, begint “nee” te zeggen, maar later spijt krijgt. Zijn broer had op dezelfde vraag “ja” gezegd, maar maakte zijn “ja” niet waar. De voorkeur van Jezus gaat uit naar de zoon, die spijt krijgt, hij was op zijn eigen falen, grenzen gebotst. Wanneer je de deur van de spijt gevonden hebt en bij Jezus brengt brokkelt je zelf-bewustzijn, je “ik kan dat allemaal wel zelf”, af. Je gaat ervaren, hoe sterk je Jezus’ liefdevolle kracht nodig hebt, om dienstbaar te kunnen blijven. Als je in die gesteltenis bent, kan Jezus met jou bouwen aan zijn Rijk. Moest Petrus ook niet eerst door Jezus zijn voeten laten wassen? Stel je voor dat hij zich aan zijn koppig “nee” had vastgehouden!