Gods vangnet

Bladeren dwarrelen speels en vallen getrouw op het onstuimige ritme van de wind.

Moeder aarde vangt ze gretig op.

Mensen struikelen … wankelen om toch maar overeind te kunnen blijven … en vallen dan tóch door het ontij van het leven zelf.

Onze Eeuwige Redder vangt ze op.

Bomen worden geveld omwille van ziekte of ouderdom. Ze krijgen een tweede leven als tuinbank, omheining of speeltoren.

In de Natuur gaat niets verloren. De kringloop van het leven geeft en neemt net zoals ons aller Vader doet; “Naakt kom ik uit de schoot van moeder aarde, naakt keer ik daar terug. Jahwe geeft, Jahwe neemt, geZEGENd de naam van Jahwe.” (Job 1,21)

Een mens wordt ziek, krijgt een ongeval, moet leven met een handicap, verliest een dierbare relatie. Hij verschraalt met de jaren. Enkel zijn ziel overleeft deze jachtige wereld en reist verder naar nog ongekende, Beloftevolle Oorden. De Eeuwige blijft zorgen voor jou, voor mij. Wat een Genade! Wat een Hoop mogen wij koesteren dankzij de énige Heilige!