Adventskrans (deel 2 van 2)

vervolg van gisteren…

Terwijl ik wat takjes knip in een verwaarloosde berm durft dan toch iemand mij aan te spreken: “U zoekt Zwarte Els?” Ik zeg: “Nee, ik zoek een beetje versiering voor mijn adventskrans.” Het gezicht klaart op. Er verschijnt zelfs een glimlach. Hij weet niet goed wat verder te zeggen. Maar als ik hem wat later opnieuw tegenkom zegt hij dag alsof we elkaar kennen. Thuisgekomen heb ik alles wat ik verzameld heb gebruikt. Net genoeg, prachtig. Voldaan als een kind dat net herfstbladeren en vruchtjes geraapt heeft. Ik zou mijn krans graag tonen aan de mensen die ik ontmoette. En ook het kinderlijke vonkje in hun ogen zien oplichten.