Goeiendag!

De weerman zag de bui al hangen:

‘Zeg wat meer goeiendag’ zuchtte hij vol verlangen.

Vanzelfsprekend mag hij dat bedenken; dat is zijn job:

 weer-es-verwachting presenteren daarvoor krijgt hij betaald.

Sinds mijn allereerste korte traject op de fiets

-later dan de gemiddelde geef ik grif toe-

strooi ik goedendag in ’t rond zonder gage:

vanzelfsprekend is ’t me daar niet om te doen.

Weer-es goedendag was wat ik minimum verwachtte.

Ondertussen -verslaafd aan mijn eigen groet-

lijkt het systeem merkbaar immuun geworden,

vrees voor besmetting, ver onder nul gezakt.

Misschien dat zo’n weerman de kaarten anders leest ?

Vanzelfsprekend richt de weerman zich op analyse.

Ik daarentegen, ik heb de expertise.

(m.v.)