Zijn als klaprozen

Blij werd ik ervan als ik al die klaprozen in de bermen naast de weg in bloei zag staan, van licht oranje tot donker rood. Zalige herinneringen over vroeger kwamen naar boven, toen ik ze als kind zag bloeien naast de koren- en akkervelden. Niettegenstaande de klaprozen frêle bloemen zijn, hebben ze niet veel nodig, enkel wat arme en zanderige grond om te kunnen groeien en bloeien. Zelfs hun zaadjes zijn geduldig. Ze kunnen 10 jaar lang in de grond zitten vooraleer ze in de omgewoelde grond als pioniersbloemen op een braakliggend stuk beginnen te verschijnen, zoals we vaak kunnen zien als ze ergens een woning beginnen bouwen. Terwijl ik erover mijmer, bedenk ik hoe wij de afgelopen coronamaanden ook een beetje in arme grond vertoefden en geduldig hebben gewacht op versoepelingen. Welke afweging hebben wij voor onszelf gemaakt? Die van de bloeiende klaproos, die vreugde heeft gebracht voor wie het nodig had of zitten wij nog voorzichtig te wachten in de grond tot we omgewoeld worden?