Verschillen

We gooiden achteloos zo maar weg
al het moois dat we deelden
we vonden geen grond voor ‘samen’.

We hebben de verschillen
hun schoonheid ontnomen
en zagen enkel de frustraties, het onbegrip.

Ja, “we” ; relatie is altijd een wij … of niet?
Als eenzaamheid in relatie
meer en meer terrein wint,
houden weinigen het uit …
Het vernielt je eigen zelf
tot je niet meer weet en/of voelt wie je bent.

We vonden onszelf niet terug in elkaar
want dat is de zoete smaak
van verzoening: de allerwarmste knuffel
van nieuw samenzijn.

Toch schenkt ‘Hij’ ons Wedergeboorte …
gelukkig maar, anders bleven we levend dood.
Verrijzenis vraagt ons:
dóór het Kruis heen te gaan …

Palmzondag

We juichen om de koning die niet corrupt is. Een koninkrijk zonder geheime diensten, zonder moordaanslagen. Een land waar iedereen een rechtvaardig loon krijgt, waar de vreemdeling in aanzien staat en de weduwen, zieken en kinderen niet aan hun lot worden overgelaten: GODS RIJK.
Anders is de harde werkelijkheid van elke dag. De machteloosheid om de armen in de wereld brood te reiken; om het waanzinnige moorden een halt toe te roepen; om vrede overal ter wereld tot stand te brengen. De machteloosheid die we voelen tegenover vluchtelingen, zwervers en eenzamen in ons eigen land. Palmzondag is de droom, Goede Vrijdag is de realiteit.
Jezus wordt het slachtoffer van deze harde realiteit. De droom van Palmzondag mag dan al naïef zijn geweest, we blijven geloven in de kracht van de liefde en in de overwinning van Gods bedoelingen met de mens. Dat zullen we met Pasen vieren. “Al staat het water tot aan onze lippen, er komt redding!”

Eenheid

Voelen in een kleurensymfonie
leven door verwoording
toegedekt met tedere stilte
verborgen in ’t artistieke doolhof.

Eén met elke boom
tekenen met vele wolkenflarden
op de vleugels van een prachtvlinder.
In de winter zoeken als het roodborstje
om de zomer te vieren als een kolibrie,
maar altijd
All-één met U.

Mens word ik
– toevallig –
met een passant
op de pelgrimsroute van het leven.

Want Jou zal ik niet vinden
of toch
ginder ver …
neen, eerder,
dichtbij, is Uw Licht, walmend in mij
in jou en jou, in ons.

Is Hij er?

“Is er een detector of een ervaring, die aangeeft dat God er is? Wellicht is er geen wetenschap en zijn er ook geen bewijzen. Maar zou de mens niet de detector kunnen zijn, een levende verwijzing naar de levende God?” Zo schrijft Jonas Slaats. Er zijn ook wel christenen die in die man van Nazareth iets leerden ontdekken van een goddelijke dynamiek. Jezus’ gedrevenheid was te ervaren als een goddelijk gebeuren. Jonas Slaats, kluizenaar van de Kluis in Bolderberg schrijft in zijn onlangs gepubliceerd boek: “De verschillende religies houden er niet hetzelfde Godsbeeld op na. Ze draaien wel helemaal rond iets trancendents. Er is iets wat de wereld overstijgt. In het christendom en de Islam is God een scheppende God die zowel barmhartigheid als rechtvaardigheid in de wereld brengt. Velen zien God als een geestelijke oerkracht die de kosmos schiep.” En ik eindig ook met een tekst van Jonas: “Waterstromen hebben verschillende bronnen maar ze komen ooit wel samen in dezelfde zee. Uiteindelijk leiden ze allemaal naar U.”

 

Mijn toekomst

Ik word brandweerman,
zei een vriend.
En ik chirurg, zei een vriendin.
En jij?
“Wat zie jij voor jou
in de toekomst?”, vroegen ze mij.

Ik weet het niet,
of wacht!
Jawel, ik zie mezelf
als dierenarts:

Dieren redden,
mensen gelukkig maken,
een lach zien verschijnen
op iemands gezicht…
Dat is wat ik voor me zie!

Iedereen verdient
een mooie toekomst
op zijn eigen manier!

Sofie uit klas 2TW

De verpleegster

‘k Wil u graag met lof bezingen
want gij staat altijd paraat
midden zieken, zorgenkringen
zalft gij pijn door woord en daad.
 

Die in hoogste nood verkeren
geeft gij van uw liefdekracht
waardoor leed en pijn verkeren
tot een licht in lijdensnacht.
 

Smarten die gij hebt gedragen
worden u tot vreugdezon.
Wil, verpleegster, niet versagen.
Sterk u aan Gods gavenbron.
 

Jozef V.

 

Verzoend door de Geest

Een leven lang. Wat sleuren we allemaal niet mee aan schuldgevoelens en kwetsuren. Het is daarom belangrijk je te verzoenen met je verleden. We zijn niet met alles tevreden. Er kunnen serieuze knopen ontstaan in ons binnenste. Die verbergen we liever en niet alleen voor anderen maar ook voor onszelf. Die hinderpalen doen ons een beetje liggen in ons graf. Jezus nu, komt onze graven openen. Daar is moed voor nodig want je wordt geconfronteerd met de dood. Even terugdeinzen en dan er doorheen gaan. Met een krachtdadige stem worden we geroepen om op te staan. Onze stramme spieren worden terug lenig. Het lichaam wordt bewoond door de Geest die Leven geeft. Dat Leven is een bron die opborrelt en ons doorstroomt. Blokkades komen los. Bevrijding. Verrijzenis.
Jezus zegt dat Hij de Verrijzenis en het Leven is. Jezus wilt in jou komen wonen zodat je steeds meer op Hem gaat lijken en steeds meer verrijst. En zeg nu niet dat je dat niet nodig hebt. Kijk maar eens in de spiegel en laat het Licht binnen waar het nog duister is.